Zilverstelen

Zilverstelen

Zilverstelen zijn onderdeel van de familie van de snijbiet. Het grote verschil met snijbiet is dat deze variant vooral om de bladnerf geteeld word. Bij snijbiet gebruikt men meestal vooral het blad. Voor beide varianten geldt dat zowel het blad als de steel eetbaar zijn. Weggooien van een deel van het blad, of juist de stelen, is dus absoluut niet nodig. Je moet er alleen wel rekening mee houden dat de stelen een langere bereidingstijd nodig hebben dan het blad.
Kenmerkend van zilverstelen is dat de nerf vaak veel dikker is waardoor je hier ook echt een apart gerecht van kunt maken. Een typisch gerecht voor zilverstelen is bijvoorbeeld zilverstelen met bechamelsaus. Met een mes snijd je het blad eraf. Je kookt de stelen totdat ze beetgaar zijn en dient ze overgoten met een lekkere bechamelsaus op.
Zilverstelen in de tuin
Zilverstelen kun je in de volle grond zaaien in van april tot juli. Zaai ze met een afstand van 5 centimeter. Dun de planten uit als er te veel opkomen. De rijen hebben een afstand nodig van 30-35 centimeter. Zilverstelen kunnen flinke planten worden. De nerven kunnen wel 15 centimeter breed worden. Ze zien er dan prachtig uit en zijn heerlijk stevig.
Zaad voor zilverstelen
Bij de meeste tuincentra is zaad voor snijbiet verkrijgbaar. Vaak is het dan gewoon snijbiet en met wat geluk heb je dan nog een paar extra kleuren. Als je snijbiet de ruimte en wat meer tijd geeft, groeien ze ook uit tot planten met een flinke bladnerf. Echt puur zilverstelen zaad is moeilijk te vinden. Bekende rassen zilverstelen zijn White Silver en Virgo. Ik heb dit eigenlijk alleen bij Vreeken Zaden in Dordrecht kunnen vinden. Maar misschien zijn er wel meer adressen waar zaden voor zilverstelen te koop zijn? Voor iedereen met een moestuin is Vreeken een echte aanrader. Ze hebben ook een webshop dus je hoeft niet per se zelf naar Dordrecht.

Bron: Okke Amerongen

Terug