Pasteitjes

Bouchees, zo heten de kleine bladerdeegpasteitjes in de Franse keuken. Bouche betekent letterlijk vertaald ‘mond'. Oorspronkelijk waren de bladerdeegpasteitjes heel klein. Je kon ze zo in één hap in je mond stoppen. Nu maken we ze ook groter. Een ‘vol-au-vent' is een pastei, groot genoeg voor vier personen. Pasteitjes worden traditioneel gevuld met een ragout. Een bekende uit de Franse keuken is de ‘bouchée a la reine', een pasteitje gevuld met een ragout van gevogelte, champignons, truffel en room. In de supermarkt kun je kant-en-klaar te vullen pasteitjes kopen. Ook de ragout koop je er eventueel bij. De gekochte pasteibakjes hoeven slechts 10 minuten in de oven op een lage stand. Vul de bakjes met de opgewarmde of zelfgemaakte ragout en presenteer ze met een schijfje citroen als garnering. Je kunt de pasteibakjes heel eenvoudig zelf maken. Neem hiervoor bladerdeeg uit de diepvries. Laat het ontdooien en steek er met een kopje of stekertje rondjes uit met een doorsnede van ongeveer 8 centimeter. Leg ze op een bakplaat met bakpapier. Bestrijk ze met eigeel. Steek uit het midden van tweederde deel van de rondjes een kleiner rondje uit met een diameter van ongeveer 3 centimeter. Bouw een pasteitje op uit een bodem (zonder uitsparing) en twee rondjes met de opening. De ronde plakjes met een doorsnede van 3 centimeter bak je mee. Zij vormen het dekseltje. Plaats de bakplaat in een voorverwarmde, zeer hete oven (220° Celsius). Let op want de dekseltjes hoeven minder baktijd. Pasteitjes van bladerdeeg kun je vullen met vlees- en/of kipragout, maar ook een ragout van groenten is heerlijk. Of maak eens een ragout met eieren, schaal- en schelpdieren of lever.

Bron: Culinaire nieuwsbrief

Terug